Wat wordt er van een veehouder verwacht per 1 januari 2012?
Van de veehouder wordt verwacht dat hij per 1 januari een overeenkomst heeft afgesloten met een geborgde rundveedierenarts. De veehouder geeft opdracht aan de dierenarts om samen een bedrijfspecifiek gezondheidsplan op te stellen. Hiermee wordt invulling gegeven aan de Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik rundersector (PVV) 2011. Het bedrijfsspecifiek behandelplan dat door de dierarts wordt opgesteld maakt integraal onderdeel uit van het bedrijfsspecifieke gezondheidsplan. Daarnaast moet hij de toegepaste en voorgeschreven diergeneesmiddelen vast laten leggen in de database MediRund.
Wat moet de dierenarts doen vóór 1 januari 2012?
De dierenarts moet ten eerste voldoen aan de ingangscriteria van de geborgde rundveedierenarts. Deze criteria zijn: ingeschreven staan in het diergeneeskunderegister van het Centraal Informatiepunt Beroepen Gezondheidszorg (CIBG); werken volgens de Gids voor Goede Veterinaire Praktijk voor voedselproducerende dieren; de basiscursus ‘geborgde rundveedierenarts’ hebben gevolgd en zich aan hebben gemeld bij de certificerende instantie Verin. Zodra de dierenarts heeft voldaan aan de ingangscriteria wordt dit geregistreerd in het register geborgde rundveedierenarts en kan de veehouder een overeenkomst met deze dierenarts aangaan. Per 1 januari 2012 moet de veehouder zijn toegepaste en voorgeschreven diergeneesmiddelen laten vastleggen in de database Medirund, in de overeenkomst is opgenomen dat de geborgde rundveedierenarts dat voor zijn veehouder doet.
Mag een veehouder nog ‘shoppen’ bij andere dierenartsen?
Nee, de veehouder heeft met het aangaan van een overeenkomst met een geborgde rundveedierenarts vastgelegd dat hij handelt volgens het bedrijfsspecifieke gezondheidsplan en hierover contact onderhoudt met zijn geborgde rundveedierenarts. Verder komen beide partijen overeen dat voor vervanging gebruik wordt gemaakt van dierenartsen die in de overeenkomst worden aangemerkt als vervangers. Ook is in de overeenkomst een bepaling opgenomen over veterinaire hulp van derden, zoals een gezondheidsdienst dierenarts. Indien de veehouder veterinaire hulp van derden inroept wordt verwacht dat hij/zij de dierenarts waarmee de overeenkomst is gesloten volledig informeert over veterinaire adviezen en behandelingen.
Wie stelt de streef-, signalerings- en actiewaarden vast en waar kan ik die vinden?
De waarden worden vastgesteld door de Stichting Diergeneesmiddelenautoriteit en zijn te vinden op
www.autoriteitdiergeneesmiddelen.nl/rundveehouders.
Ik ben in 2011 afgestudeerd als dierenarts landbouwhuisdieren aan de faculteit Diergeneeskunde te Utrecht, en wil aan de slag als geborgde rundveedierenarts. Moet ik dan ook een cursus geborgde rundveedierenarts volgen?
De inhoud van de cursus is opgenomen in het curriculum. Studenten die na 1-9-2011 afstuderen voldoen aan het ingangscriterium. Studenten die voor die datum zijn afgestudeerd moeten de basiscursus volgen.
Komt er een andere mogelijkheid tot het volgen van de cursus?
Tot 01-01-2012 krijgt iedereen de kans een cursus te volgen. Na die tijd bestaat de gelegenheid bij de onderdelen in het curriculum van de faculteit diergeneeskunde aan te sluiten.
Welke rundveebedrijven vallen onder de regeling?
Op basis van de verordening registratie en verantwoording antibioticumgebruik rundersector van het PVV d.d. 30 juni 2011 vallen bedrijven die vijf of meer dan vijf runderen houden onder de regeling, dit kunnen melk- en rundveebedrijven met vleesvee zijn. Vleeskalveren (blank en rosé) hebben een eigen regeling: IKB Kalf en eigen verordening.
Hoeveel overeenkomsten mag een melk-/ rundveehouder sluiten?
Eén tegelijk, namelijk met de dierenarts die normaliter de veterinaire diensten op het bedrijf verleent en staat vermeld op de Voedsel Keten Informatie (VKI).
Mag een niet-geborgde rundveedierenarts spoedgevallen doen?
Spoedgevallen zijn de enige uitzondering en kunnen gedaan worden door de niet-geborgde dierenarts. De naam van de dierenarts(en) die spoedeisende hulp verlenen dienen in de overeenkomst te staan.
Mag de veehouder veterinaire handelingen door derden laten uitvoeren waarvan de namen niet in de overeenkomst zijn opgenomen?
Ja, het gaat dan bijvoorbeeld om handelingen door veeverloskundigen of medewerkers van KI organisaties die drachtigheidsdiagnostiek met een scanapparaat uitvoeren. Dit zijn handelingen die niet voorbehouden zijn aan de dierenarts. De veehouder heeft de plicht om de dierenarts waarmee de overeenkomst is aangegaan volledig te informeren en inzage te geven in de adviezen en handelingen door derden. Is die derde een dierenarts dan dient deze wel een geborgde rundveedierenarts te zijn. Voor veterinaire handelingen die aan de dierenarts voorbehouden zijn, is de veehouder verplicht zijn geborgde rundveedierenarts van de overeenkomst te consulteren.
Wat moet ik doen wanneer ik gebeld wordt voor een spoedvisite door een veehouder met wie ik geen overeenkomst heb?
Volgens de WUD (wet op de uitoefening van de diergeneeskunde) is de dierenarts tuchtrechtelijk aansprakelijk als hij een hulpvraag negeert. Wel adviseren wij u de veehouder op zijn professionele verantwoordelijkheid te wijzen en aan te geven dat hij de dierenartsen die genoemd worden op de overeenkomst als eerste dient te benaderen met een hulpvraag. De veehouder is verplicht zijn eerste dierenarts te informeren over diergeneeskundige hulp die hij van anderen dan in de overeenkomst opgenomen dierenartsen heeft gehad.
Wanneer moeten de bedrijfsspecifieke gezondheidsplannen er liggen?
Van de veehouder wordt verwacht dat er per 1 januari 2012 een overeenkomst is afgesloten met een geborgde rundveedierenarts. In principe hoort ook het bedrijfsspecifieke gezondheidsplan (BGP) er dan te liggen. Het opstellen van dit plan en het bedrijfspecifieke behandelplan (BBP) als onderdeel hiervan vormt immers de kern van de overeenkomst.
En hoe wordt dit gecontroleerd?
Vanaf 1 januari 2012 controleert QLIP bij melkveehouders of er een overeenkomst, een BGP en een BBP aanwezig is. Indien de overeenkomst niet aanwezig is geldt een nazendtermijn van 15 werkdagen. Indien het BGP en het BBP niet aanwezig zijn dan wordt dit genoteerd en geldt een nazendtermijn tot 1 april 2012. Als de BBP en BGP op 1 april niet ontvangen is door Qlip dan volgt daarna een sanctietraject. De sanctie wordt opgelegd door de regelinghouder, dus de ontvangers van melk (lees melkfabriek). Het sanctietraject zal uiteindelijk leiden tot melkweigering door de melkfabriek. Het college van belanghebbenden geborgde rundveedierenarts heeft met de controlerende instanties afgesproken dat dierenartsen vanaf maart beoordeeld gaan worden. Dan wordt naar het hele eerste kwartaal gekeken. Het moet duidelijk zijn dat de dierenartsen en veehouders zich voldoende inspannen om de regels uit te voeren. In de loop van 2012 wordt met het vullen van de database, het antibioticumgebruik van het bedrijf inzichtelijk, is de dierdagdosering te berekenen en te vergelijken met de streef-, signalerings- en actiewaarden van de Stichting Diergeneesmiddelenautoriteit. De waarden zijn te vinden op:
www.autoriteitdiergeneesmiddelen.nl/rundveehouders.
Wat doet de KNMvD met de opbrengsten van de cursus geborgde rundveedierenarts?
De cursus voor de geborgde dierenarts heeft meer dan 900 deelnemers gehad. Mede het hoge aantal deelnemers heeft ertoe geleid dat er na aftrek van alle kosten een gunstig saldo is ontstaan. De KNMvD heeft in overleg met de Vakgroep Gezondheidszorg Herkauwer besloten deze gelden te reserveren voor activiteiten ten behoeve van de rundveedierenartsen. Zo komen de gelden ten goede aan dat deel van de beroepsgroep dat het heeft opgebracht. De KNMvD gaat het geld gebruiken voor het opstellen van diergeneeskundige richtlijnen binnen het werkveld van de rundveedierenarts. Waarschijnlijk gaat het om een zorgvuldig voorbereide en in de praktijk getoetste richtlijn droogzetten. Het opstellen van een wetenschappelijk gevalideerde richtlijn kosten ongeveer € 100.000,-. De opbrengsten van de cursus geborgde rundveedierenarts bedroeg € 175.725,- de totale kosten bedroegen € 113.235,-. Bij kosten zijn de volgende zaken inbegrepen:
- deel van oprichtingskosten van de stichting geborgde dierenarts
- bestuurlijke en beleidsmatige kosten (o.a. opstellen reglementen en afstemming met ketenpartners en Verin)
- kosten ontwikkeling en organisatie cursus
Het uiteindelijke positieve saldo is € 62.489,64. Dat, zoals hierboven toegelicht, wordt gebruikt voor het opstellen van diergeneeskundige richtlijnen binnen het werkveld van de rundveedierenarts.
Meer informatie over de geborgde rundveedierenarts
Terug